Duurzaamheid in onderwijs - wie is verantwoordelijk?


‘‘Ik zou te veel moeten zoeken naar inspiratie om het toe te voegen en me dan teveel een roepende in de woestijn voelen. Terwijl ik dat opschrijf realiseer ik me dat daar wel het begin zit.’’

Waarom is duurzaamheid geen onderdeel van je lessen? Aan de andere helft van de respondenten die duurzaamheid niet behandelen, werd gevraagd om een toelichting waarom ze dit niet doen. Antwoorden varieerden van ‘het is geen onderdeel van leerdoelen’ tot aan ‘ik vind het niet relevant’. Men geeft aan dat het geen onderdeel is van leerdoelen en dat ze een vastgesteld programma volgen waarin er geen aandacht is voor duurzaamheid.

Toch geeft een enkeling aan dat de verantwoordelijk ook deels bij henzelf ligt. "Ik zou te veel moeten zoeken naar inspiratie om het toe te voegen en me dan teveel een roepende in de woestijn voelen. Terwijl ik dat opschrijf realiseer ik me dat daar wel het begin zit."

Op deze pagina kijken we verder naar wiens verantwoordelijkheid het is om duurzaamheid te integreren in het onderwijs en wat daarvoor nodig is.

Wie draagt de verantwoordelijkheid? In de wandelgangen wordt gefluisterd dat -vooral- het management regie moet nemen door een visie en missie te ontwikkelen waar we als instelling naar streven. Toch blijkt uit de vraag ‘Wie is volgens jou verantwoordelijk voor het verankeren van duurzaamheid in de opleiding?’ dat de verantwoordelijkheid misschien wel bij ons allemaal ligt. Men kon bij deze vraag meerdere opties aanvinken. De respons op deze vraag was redelijk gelijk verdeeld over de drie groepen: vakgroep, curriculumcommissie en managementteam van de opleiding. Dit zou een indicatie kunnen zijn dat het verankeren van duurzaamheid in het onderwijs iets is wat ons allemaal aangaat, en dat iedereen verantwoordelijkheid draagt.

Kan je zelf aan de slag met duurzaamheid? Dit was een interessante vraag om erachter te komen of docenten zelf aan de slag kunnen, of dat ze afhankelijk is van de leidinggevende. Uit de analyse bleek dat een kwart zelf direct aan de slag kon. Bijna 50% moet het met zijn collega’s van de sectie of module overleggen en 20% heeft hulp nodig. Door deze laatste groep werd tijd en uren meerdere keren genoemd als essentieel om het te realiseren. Kennis en inspiratie voor lesmateriaal zijn andere redenen. Maar ook wat zijn de huidige ontwikkelingen? Wat speelt er al in het bedrijfsleven? En wat weet de student al? Het is daarbij belangrijk om aan te sluiten bij recente inzichten van experts en hen in te schakelen.